vis.jpgEen vakantie op Corfu in het voorjaar kan ik iedereen aanbevelen, het is één van die prachtige Ionische eilanden, die Griekenland rijk is. We hadden op goed geluk een last minute reis geboekt via het Internet en nog geen twee weken later waren we ook daadwerkelijk op de plaats die zo verleidelijk stond afgebeeld op de exotisch uitziende folder.

Het moet gezegd, zonder autootje kom je niet ver. Dus de kosten die we bespaarden op de last minute, zijn er achteraf ruimschoots bijgekomen door excursies, autoverhuur en vooral souvenirs. Ons motto: 'nu we er zijn, moeten we er ook wel volop van genieten'. En dat hebben we gedaan!

We hebben veel mooie strandjes aangedaan, waarbij de zee zo helder was dat het wel kraanwater met een laagje wit zand leek(de vissen zwommen met ons mee). Van een afstand leek de zee dan wel fel blauw omringd door ruige rotspartijen met intieme strandjes. We hebben in het binnenland ontelbare olijfbomen gezien, met grote trossen mini olijfjes eraan. We zijn door kleine bergdorpjes gecrost, waarbij we gelukkig weinig tegenliggers hebben ontmoet. Dat had een groot probleem kunnen zijn, aangezien een klein autootje net past door de (hoofd)straat van het dorpje. Ook heb je een goede handrem nodig heuvelopwaarts, want de binnenwegen zijn smal en stijl.

Maar de sfeer was exotisch, met een hoop palmbomen, cipressen, enorme bloeiende cactussen en veel bloemen. Als je minder let op de kwaliteit kun je voor €25 met een Dior handtas lopen met Gucci portemonnaie, Armani riem en geurend naar Chanel no5.

Na al die verwennerij bedachten wij dat we ook weleens een gewone wandeling in de natuur wilden maken. Het was wel even zoeken naar een soort van wandelpad, want afgezien van de enkele voetgangers die je soms op de meest verlaten autowegen tegenkomt, vormen wandelpaden niet de sterkste kant van Corfu. Na een tijdje rondgereden te hebben ontdekten we in een ruime bocht een kronkelig paadje heuvelopwaarts. Er stond een eenzame auto in de bocht geparkeerd en op het moment dat wij voor deze auto wilden parkeren, kwam er 'out of the blue' een klein autootje aangeraced. De Griekse bestuurster vroeg ons iets meer plaats te maken voor haar auto, omdat ze graag bij de andere auto wilde parkeren omdat ze de eigenaar ervan kende.

Geen probleem voor ons Nederlanders natuurlijk en vriendelijk knikten we naar haar. Op de valreep vertelde ze ons, dat we uit moesten kijken voor slangen en een stok mee moesten nemen als we gingen wandelen. Thomas, vond dit een beetje angstig maar tegelijkertijd superspannend en vroeg ons tijdens de wandeling telkens waar de slangen dan waren. We hadden uit voorzorg onze sokken aangetrokken(wellicht meer voor het idee dan als effectief verdedigingsmiddel tegen slangenbeten) en alledrie bewapend met een zware stok gingen we op weg. Vreemd genoeg was de vrouw inmiddels spoorloos verdwenen, terwijl het pad dat wij insloegen zo'n beetje het enige pad was wat wij daar konden ontdekken. Ook waren er in geen velden of wegen huizen te zien of iets wat daarop leek en we zaten te hoog voor een gewaagde afdaling naar het strand.

Maargoed op onze hoede en vol goede moed gingen wij op weg. Het was een grindpad, zodat we eventuele ongewenste medeweggebruikers goed konden zien. De omgeving was als altijd, mooi en stil met veel cipressen en olijfbomen aan weerszijden van het pad. Na een tijdje gelopen te hebben, zagen we in de verte een groot wit huis. Bij nader onderzoek bleek dit tevens het einde van ons wandelpad te zijn. Het was een huis, zoals er in Griekenland wel meer van zijn. 

De begane grond was mooi afgewerkt met witte ronde poorten, maar afgezien van de witbeschilderde frames, zaten er geen ramen of deuren in het complex. Ook staken de staaldraden vanuit het dak hoopvol naar een nog te bouwen eerste verdieping. Door een Albanese vriendin heb ik me laten vertellen dat het de gewoonte is alleen dat gedeelte van het huis te bouwen dat ze nodig hebben en er pas mee verder gaan als ze meer ruimte nodig hebben, bijvoorbeeld voor een extra kinderkamer. Over praktisch gesproken....

Voorzichtig kwamen we dichterbij. Het leek of het huis verlaten was en nieuwsgierig schuifelden we voorzichtig het witte complex in. Wat we daar zagen, was te bizar voor woorden. Het leek wel of we in een vreemde film waren terechtgekomen, of in ieder geval in het decor ervan.

Afgezien van wat vuil en afval dat her en der in de enorme verlaten ruimte te vinden was, stonden er overal levensgrote figuren opgesteld. Zo lag er een gigantische clown op de grond, met een bizarre grimas en verminkte benen waaruit ijzerdraden staken. Later dacht ik zijn reusachtige schoenen een stukje verderop in het complex te zien staan. Ook stonden er twee gigantische witte zwanen naast elkaar opgesteld. 'Oh, wat mooi mams, paps,' sprak Thomas bewonderend uit, terwijl hij met grote ogen naar de zwanen keek. Dat dacht ik in eerste instantie ook, toch klopte er iets niet, zei mijn gevoel.

Ik keek nog eens goed en zag toen dat de zwanen 'gewond' waren. Op één van de zwanen stond een kroon, waarom verband was gewikkeld en het geheel een broos aanzien gaf. Toen merkte ik het verband om hun beiden halzen op, waarlangs 'bloed' sijpelde..Het beeld van mooi en wonderlijk, veranderde in één klap in bizar en griezelig en ik leidde Thomas snel weg van de zwanen. Het observatievermogen van Thomas is doorgaans vrij goed, maar aan deze zwanen leek hij niets bijzonders te zien, gelukkig.. Hij vond ze erg mooi en was dolenthousiast, toch vreemd.

Nu zag ik dat de levensgrote maskers van papier-maché die in het grote complex tegen de muren aan stonden ook niet helemaal klopten. Het waren grimmige maskers van aggressieve wolvenkoppen of van clowns met zwarte tanden of een felrode scheve grimas. Ook Thomas kon de maskers niet bekoren, wellicht voelde hij toch wel dat er iets niet helemaal klopte.

Gelukkig was er toch nog een lichtpuntje in de gehele collectie te vinden in de vorm van een mooie grote vis van papier-maché, die bij de ingang lag. Het was eigenlijk één van de weinig echt mooie vormen, zonder mankementen of bizarre kenmerken. Na deze een tijdje te hebben bewonderd, vonden wij het de hoogste tijd om het vreemde complex te verlaten, in ieder geval voordat Thomas(of wij) meer 'bloedige' details zouden opmerken.

Eenmaal buiten, kwamen we weer in een weelderige subtropische omgeving terecht, waardoor het hele voorval net op een vreemde droom leek, die de prachtige werkelijkheid even had onderbroken. We vestigden onze aandacht weer op mogelijke slangetjes en op de omgeving, maar het hele voorval bleef in onze gedachten.

Toch had het hele voorval wel indruk op Thomas gemaakt, die de hele terugweg praatte over de levensgrote clown met de verminkte benen. 'Mam, hij was nog niet klaar hè? Zijn benen waren nog niet goed? En hij had maar één hand?' Dat van die hand had ik nog niet eens opgemerkt, maar achteraf op de foto's klopte het allemaal. Wat ook achteraf kwam, was de opmerking van Thomas. Het was een paar dagen later en we hadden het niet meer over het mysterieuze voorval gehad. Op een avond zei Thomas ineens, 'mam, de schoenen van de clown stonden ergens anders hè? Die kon hij natuurlijk niet aan, want zijn benen waren nog niet klaar? Zouden zijn benen inmiddels al klaar zijn?'

Ik wist dat Thomas meer gezien had, dan hij had laten blijken en gaf hem een aai over zijn bol. Ik heb het maar niet meer over de twee 'onthoofde' zwanen gehad, maar vraag me stilletjes nog weleens af of hij toch niet iets beseft heeft van de absurditeit van onze bizarre ontdekking, die middag op Corfu.

Volgens Thomas was onze vakantie namelijk één grote spannende 'ontdekkingsreis'. En dat is natuurlijk een prima herinnering voor deze bijzondere vakantie.